Polderblues.be

Leven, wonen en werken in het Waasland


   


De twee voornaamste hoofdsluizen waren vroeger de St-Pieter (1731) en de St-Paulussluizen (1755) die tussen het fort de Perel en de Mariaschans werden gebouwd. Deze hadden als taak de opperwateren uit de polders te trekken via de waterloop de "Melkader" in gemeenschap met de verder in de gemeente liggende waterwegen.


Deze sluizen hadden elk twee kokers van elkaar gescheiden door een muur, elke koker was voorzien van twee schoven en twee dubbele deuren, zodat beide sluizen samen voorzien waren van acht schoven en twee dubbele deuren.
In 1821 werden aan de linker- en rechterzijde van het fort Liefkenshoek ook nog twwe sluizen gebouwd, ieder met vier kokers voor in geval van oorlog de aangrenzende polders onder water te zetten.


Daar er nog steeds onvoldoende afwatering was kwam er in 1878, met tussenkomst van de staat nog een grotere sluis tot stand. Deze sluis had als doel overstromingen te beletten en de openbare gezondheid te verbeteren. Dit werd de sluis van de "De Verenigde Polders van het Land van Waas", deze kreeg geen heilige naam maar werd "stenen- of centensluis" genoemd.