Polderblues.be

Leven, wonen en werken in het Waasland





Deze haaks op de straat ingeplante, monumentale schuur behoort tot het type van de dubbele dwarsschuren.
Het gebouw telt zeven traveeën en is afgedekt door een schilddak met een bekleding van golfplaten. De bakstenen muren zijn overwegend nieuw. De driebeukige binnenruimte bevat houtconstructies die verwijzen naar een latere uitbreiding, zoals ook blijkt uit de bouwnaden in het metselwerk. Ook de oostelijke beuk werd verbreed. De stijlen van de middenbeuk werden halverwege doorgezaagd om plaats te maken voor metalen I-liggers in functie van het gebruik als stal. De middenbeuk wordt overspannen door trekbalken, verankerd in de hoge stijlen. Boven de grote trekbalken staan nog twee gebinten: het onderste bestaat uit stijlen met een dekbalk op korbelen, het bovenste uit twee stijlen met een hanenbalk.
De kepers worden gedragen door, voor zover zichtbaar van op de begane grond, flieringen die worden gesteund door windschoren. De pen-en-gat verbindingen zijn verbonden met houten toognagels. DATERING: aangezien de inpoldering van het gebied pas gebeurde in 1784, is er nog geen bebouwing op de Ferrariskaart (1771-1777) te merken. Op het primitief kadasterplan (1817) en op de Vander Maelenkaart (1846-1854) is de site en vermoedelijk ook het volume van de schuur zichtbaar.

De schuur klimt dus mogelijk op tot het einde van de 18de of het begin van de 19de eeuw.
De bouwwijze van de dakkap (schaargebinten, pen-en-gat verbindingen, houten toognagels) wijst op een bouwtijd vóór circa 1850, misschien in de late 18de eeuw.


Bron: Debonne V., Haneca K., Kennes H. en Meganck L. 2009: Onderzoek naar de erfgoedwaarde van de hoevesites Oud Arenberg nr. 71 en nr. 73 te Kieldrecht (Beveren), Intern rapport VIOE, 10 maart 2009. Auteurs: Debonne, Vincent & Kennes, Hilde