Polderblues.be

Leven, wonen en werken in het Waasland



 

 



Deze hoeve is gelegen in de Brielstraat Nr.33, heeft deels bebloemd en deels gebetonneerd erf.
Het gietijzeren inrijhek is verdwenen. Achterin gelegen woonhuis met voorgevel naar het zuiden gericht met ten Z.W. ervan recente dwarsschuur, haaks op de straat ingeplant. Aan de linkerzijde van de inrit staat kapel.
Woonhuis van 1545 van vijf traveeën onder zwaar schilddak met Vlaamse pannen voorzien van een centraal dakvenster met recentere windborden.
Traditionele verankerde bak- en zandsteenarchitectuur met gecementeerde voorgevel (1923). Voorgevel is recent van de cement verwijderd. Licht verhoogde begane grond met beluikte en getraliede kruiskozijnen.
Zijgevel links met speklagen en een gedicht kloosterkozijn. Recente dakkapel.
Binnen: behouden moerbalken; haarden waarvan de wangen zijn weggebroken; brandvloer in rode tegels eveneens verwijderd. Links vooraan op het erf: Kapel van de H. Benedictus-Labre (gevelsteen), in 1901 gebouwd door de ondernemer Jos Geleijn uit Melsele.


Deze hoeve is gelegen op de grens van de Waaslandse "Hoge", de hoeve kan dan ook doorgaan als een overgangstype naar de polderhoeven. Doch tengevolge van de verhouding tot de bijgebouwen en de ligging in de vroegere boomgaard, heerst er toch de Waaslandse gemoedelijke stemming. Het ie eigenlijk een verbouwd inpakhuis ( 1545).


Adolf Siret die een boek schreef over het land van Waas, uitgegeven in 1870, beschrijft het als een ouderwetsch huis, sterk gebouwd, en dat in den buitenmuur ringen heeft, die volgens plaatselijke overlevering, dienen moesten tot het vastleggen van schepen. Men zoude, na de indijking des polders, daar een soort van kreek uitgedolven hebben, waar de schepen tot lossing konden stil liggen. Op dergelijke wijze, zoude het huis tot stapelplaats gediend hebben.
Volgens andere overleveringen zoude dit huis een oude zoutkeet wezen. (Een zoutkeet is een zoutziederij). Zout was een gegeerd en duur artikel. Het werd o.a. gewonnen uit turf. De aan- en afvoer van grondstof en product gebeurde met platboomse sloepen. Maar of dat toen het geval was in de streek is een vraagteken. Feit is dat het ca diende als opslagplaats voor graaf Karel van Mansfeld die door Farnese was aangesteld om de materialen te verzamelen voor de schipbrug over de Schelde. Hij wilde die absoluut realiseren om Antwerpen te kunnen innemen. Die materialen kwamen uit het hele Waasland. Ze werden aangevoerd op alle mogelijke manieren: langs de weg, door dragers en op karren,maar ook over water, op platboomse schuiten.
Gezien de dijk was doorgestoken konden deze ter plekke geraken bij hoog tij. En de schipbrug kwam er tegen alles in.
In de slag van Kallo verloor Antwerpen de strijd. Honderden families weken uit naar Nederland. Zo kan een oude hoeve die er nog staat, een tocht door de geschiedenis zijn. Maar het is ook een getuige van bijvoorbeeld hoe men in de 16e eeuw bouwde, hoe zo n boerderij toen was georganiseerd... De grote feiten van de geschiedenis zijn opslagmappen, zij bieden een tijdskader om vele kleine gebeurtenissen aan op te hangen en de geschiedenis te schrijven, ook van de kleine man dus van ons allemaal. Een huis als Euverbraeke was al die tijd op één af andere manier bewoond. Er werd net als altijd geleden en gefeest. En gewerkt. Mensen hadden er stijve ruggen en verstuikte voeten, waren doodmoe of gingen naar de kerk voor een goede preek en schone muziek. Ze haatten, beminden, werden geboren en gingen dood. Net als wij. Er huisden hele families bij die haard. Alles wat onze emoties wekt, al die onkoopbare dingen waar wij naar verlangen, al wat ons deel is in de dagelijkse strijd om het bestaan, was ook het hunne. Zij erfden het van hun ouders en gaven het door, zoals wij het van de onze erven en doorgeven tot in onze genen toe. En net als wij waren ze wijs of dwaas, hadden zij geschifte opvattingen en dachten zij te weten en zij wisten ook, volgens het weten van hun tijd. Of twijfelden aan de geldigheid van wat er beweerd werd. Uit dit kopje onder gaan van toen in twijfel ontstond hun moderne tijd. En ons verleden. Er bestaan vele soorten erfgoed. Soms kun je het aanraken zoals een kan of een beeld, soms is het groots en solide als een huis of een tekenend schilderij. Soms bestaat het in een gedachte uitgesponnen in een filosofie, is het volkomen immaterieel. Er zijn veel wegen om onze geschiedenis te verkennen. In het geval van Euverbraeke verzeil je ook in onze polders. Eb en vloed, dijken en overstroming..
Uit de bombardon187 met dank.